Sommige beelden komen bij bijna iedereen wel eens langs. Hier staan er ruim tweehonderd, met de duiding die de traditie eraan hangt, de alledaagse aanleiding die er vaak achter zit, en ruimte om er zelf iets anders in te zien.
Zo zoek je iets op: pak het beeld dat bij het wakker worden bleef hangen en laat de rest van het verhaal liggen. Meestal is dat een enkel ding: een trap, een tand in je hand, een deur die niet opengaat. Wat eromheen stond is vaak niet meer dan decor dat je hoofd de vorige dag oppikte, zoals de gang van een oude werkplek. Twijfel je tussen twee beelden, kies dan het beeld met het sterkste gevoel eraan. De acht categorieën hieronder wijzen je verder.
Wat je hier niet vindt: geen geloofsleer, geen wetenschappelijke conclusie en al helemaal geen blik vooruit. Deze lezingen komen uit een duidingstraditie die eeuwenlang is overgeschreven en aangevuld, en die precies zoveel gezag heeft als jij haar geeft. Ze zijn een aanleiding om over je eigen weken na te denken. Roept een beeld bij jou iets heel anders op, bijvoorbeeld een hond die gewoon jouw hond is, dan wint jouw associatie het van dit woordenboek.
Waarom er twee lezingen naast elkaar staan: bij bijna elk trefwoord vind je een gunstige en een ongunstige duiding. De traditie groeide in verschillende eeuwen en landen, en niemand heeft die ideeën ooit kloppend gemaakt. Vuur is in de ene lezing zuivering en in de andere pure schade. Welke van de twee past, wordt vooral beïnvloed door het gevoel waarmee je wakker werd: opluchting of benauwdheid. Noteer dat meteen, want het vervaagt sneller dan het beeld.
Als je wakker schrok: akelig dromen is doodgewoon en kondigt niets aan. Wereldwijd worden dezelfde dromen het vaakst gemeld: achtervolgd worden, tanden die je kwijtraakt, het moment dat je valt. Blijft een nachtmerrie maandenlang terugkomen en haalt die je nacht na nacht uit bed, leg het dan voor aan een arts. Slecht slapen is op zichzelf al reden genoeg.
Veertig beesten, van slangen en spinnen tot een hert. Hier begint bijna iedereen te zoeken.
Rennen, vallen, verdrinken, zelf vliegen: dromen waarin jij degene bent die iets doet.
Van tanden die uitvallen tot een litteken. Achttien beelden waarin je lijf de hoofdrol speelt.
Je moeder, je buren, de politie, je ex. En de vraag wie zij in je droom eigenlijk vervangen.
Een examen, een sollicitatiegesprek, een begrafenis, oorlog. Over druk en eindes, niet over morgen.
Regen, ijs, een aardbeving, de zee. Vijfentwintig beelden waarin het weer de toon zet.
Een kelder, een lift, een brug, school. Waar je bent zegt in de duiding iets over waar je staat.
Een sleutel, een spiegel, een ring, een brief. Voorwerpen dragen zelden hun eigen functie.


