Geen kamer in een droomhuis is zo druk, en geen kamer is zo persoonlijk: wat daar ooit is gebeurd weegt zwaarder dan wat een woordenboek over keukens zegt.
Een pan die staat te pruttelen, een kast die opengaat, iemand die met zijn rug naar je toe staat te snijden: in keukendromen wordt er gewerkt, en daar haakt de traditie op aan. Dit is de ruimte die rauwe dingen eetbaar maakt, en zo wordt hij ook gelezen: als omzetting en als voeden, de plek waar wat je is aangereikt bruikbaar wordt gemaakt. Even oud is de tweede lezing, die van huiselijke warmte, want de keuken is de kamer waar een huishouden echt woont en niet de kamer die het aan bezoek laat zien.
Dit is de vraag die het antwoord verandert. Dromen over de keuken van je jeugd komt heel vaak voor en wordt meestal begrepen als terugkeer naar de afspraken die je hebben gevormd, of je die nu nog zou kiezen of niet. De keuken van iemand anders zet je juist binnen diens afspraken. Koken voor anderen wordt gelezen als geven en als moeite die je in hen steekt, en gekookt worden voor jou als ontvangen. Wie in de droom merkt dat hij al het werk alleen deed, herkent dat patroon meestal zonder woordenboek. Eten dat aanbrandt terwijl je naar iets anders staat te kijken is een klassieke variant en geldt als aandacht die op te veel plekken tegelijk ligt.
Lezers letten scherp op hoe de ruimte erbij stond. Een werkende keuken, warm en goed gevuld, geldt als kunnen: het gevoel dat je hebt wat een situatie van je vraagt. Een lege keuken met kale planken hoort van oudsher bij uitputting, bij het idee dat er te veel uit je is gehaald. Vies of chaotisch wijst op een huishouden of een binnenwereld die uit de hand loopt. Een keuken in brand hoort in een ander lemma thuis en wordt gelezen tegen het vuur en niet tegen de kamer. Ook het fornuis telt mee: een pit die niet aanslaat of een oven die koud blijft hoort bij moeite die maar niet op gang komt.
Geen twee mensen lopen dezelfde keuken binnen. Voor de een is het de veiligste kamer in zijn geheugen, met recepten die hij letterlijk heeft geërfd; voor de ander is het de kamer waar geschreeuwd werd, en geen woordenboek overbrugt dat verschil. Duikt er steeds dezelfde keuken op, dan telt wat daar is gebeurd zwaarder dan wat keukens in het algemeen zouden betekenen. Je slaap gebruikt een ruimte die je allang kent.


