Weinig droomdieren lopen zo ver uiteen: in de ene traditie hoort de rat bij bederf en achterdocht, in de andere bij snelheid en verstand. Je eigen reactie is het bruikbaarste detail.
In het Nederlands zit het oordeel al in de taal: een rattenstreek is geen compliment en de rat verlaat het zinkende schip. Droomboeken uit Europa en Noord-Amerika volgen die lijn en lezen het dier als bederf, als achterdocht, als een probleem achter het behang waar nog niemand iets aan gedaan heeft. In de Chinese dierenriem opent hetzelfde dier de cyclus van twaalf jaar en staat het voor slimheid, lef en als eerste aankomen. Wie daarmee is opgegroeid, ontmoet in de nacht een heel ander beest.
Van de westerse lezing is het stuk over achterdocht het taaist. De rat werd het beeld van een vermoeden dat je nog niet hard kunt maken, en ratten in een gedroomde keuken of kelder worden het vaakst gemeld door mensen die het gevoel hebben dat er onder hen iets gaande is. Het gaat in die lezing zelden over hygiëne en bijna altijd over vertrouwen. Daar hoort meteen een waarschuwing bij: een nachtbeeld is geen bewijs over het gedrag van een concreet persoon, en een relatie beschadigen op grond van een droom is een betrouwbare manier om ruzie te krijgen over niets.
De andere traditie is even oud. In volksverhalen uit meerdere streken krijgt de rat de winnende rol en is hij grotere, sterkere dieren te slim af omdat hij beter oplet dan zij. Laboratoriumwerk maakte het dier later tot voorbeeld van leervermogen en aanpassing. Waar dat de associatie is die in de kamer hangt, leest precies dezelfde droom als overleven onder druk in plaats van als verval.
De twee lemma's lopen niet gelijk op. Een muis is klein en schichtig en wordt meestal verbonden met iets onbeduidends of met verlegenheid; de rat is groot genoeg om je te laten schrikken, hoort bij riool, zolder en havenkade, en trekt daardoor het zwaardere oordeel naar zich toe. Wie ratten als huisdier houdt, ontmoet een nieuwsgierig en aanhankelijk beest. Wie in een huurhuis een plaag heeft bestreden, ontmoet iets heel anders, en van buitenaf is dat verschil niet te zien.
Begin niet bij de symboliek maar bij de week zelf: een echte rat langs het water gezien, een documentaire, verbouwing bij de buren. Komt het beeld daarna terug, dan is de bruikbare vraag wat je voelde toen het dier er was - walging, schrik, onverschilligheid of zelfs genegenheid.


