Oude droomboeken hingen de meeste betekenis aan de staat van het kledingstuk: gescheurd, vuil, splinternieuw of geleend van iemand anders. Moderne lezingen zijn milder.
Kleding staat in de uitlegtraditie voor de versie van jezelf die je aan anderen laat zien, en daarom valt het in deze dromen zo hard op als er iets niet klopt. Wat mensen meenemen uit een kledingdroom is bijna altijd het detail dat wringt: verkeerd gekleed voor de gelegenheid, iets aan van iemand anders, of een volle kast waarin niets te vinden is.
Oude droomboeken legden hier veel gewicht neer. Gescheurde of vuile kleren stonden voor een beschadigde reputatie, wat vooral iets zegt over de samenlevingen die die boeken schreven en wat je nu met enige scepsis mag lezen. Een moderne uitleg gaat eerder over je blootgesteld of versleten voelen. Nieuwe kleren wijzen op een verandering die je aan het passen bent. Een uniform, in welke vorm dan ook, hoort bij ergens bij horen en bij de ruil die dat altijd met zich meebrengt.
De meest gemelde versies verschillen onderling weinig en gaan bijna allemaal over een rol.
Als symbool is kleding ongewoon persoonlijk. Een jas van je oma, een jurk van een avond die slecht afliep, het shirt dat je droeg op de rotste dag van vorig jaar: die dragen een heel eigen herinnering met zich mee, en die herinnering is de uitleg. Mensen die in de mode, in een winkel of bij het theater werken dromen aan de lopende band over kleren, en meestal om beroepsredenen. Was het kledingstuk in je droom iets wat je echt bezit, dan is de geschiedenis ervan in jouw leven de eerste plek om te kijken.


