Je eigen bruiloft, die van iemand anders, of een feest dat volledig uit elkaar valt: drie versies met drie heel verschillende lezingen in de oude bronnen.
Wie zelf een bruiloft plant, droomt erover in uitputtend detail, nacht na nacht, en vooral over alles wat mis kan gaan. Dat is geen symboliek maar een takenlijst die doorloopt nadat het licht uit is. Bij wie niets te organiseren heeft, begint de duiding met een andere vraag: van wie was de bruiloft. De betekenissen voor je eigen ceremonie en voor die van een ander overlappen namelijk nauwelijks.
Geen kleding, geen gasten, de verkeerde zaal, een partner die nooit komt opdagen, niemand die de traiteur heeft gebeld: deze taferelen worden veel vaker beschreven dan een bruiloft die soepel verloopt. De lezing die eraan hangt is niet dat een relatie gedoemd is. Het beeld staat in dezelfde familie als examendromen en dromen over te laat komen, allemaal begrepen als presteren met publiek erbij, en de spanning hoort bij de dromer zelf.
Oudere uitleggers pasten dit beeld ver buiten de liefde toe. Twee huishoudens die er één worden was een bruikbaar plaatje voor een zakelijke samenwerking, voor een familie die na jaren stilte weer aan tafel zit, of voor iemand die twee helften van zichzelf in dezelfde kamer probeert te krijgen. Juist die bredere lezingen zijn blijven bestaan, omdat de droom zo vaak opduikt bij mensen zonder enige romantische situatie.
Het oude materiaal over dit beeld draagt daarnaast een flinke hoeveelheid aannames uit zijn eigen tijd mee over wat een huwelijk voor een man en voor een vrouw zou moeten betekenen. Dat deel is gelaten waar het gevonden is.
Wat het woord al voor je betekende, gaat aan elke algemene duiding vooraf. Wie deze zomer vier keer in een feestzaal stond, droomt over bruiloften zoals over stations: als decor dat toevallig nog vers is. Wie al jaren op een vraag wacht, droomt over dezelfde zaal in een heel andere toonsoort.


