Twee tradities, hetzelfde dier: rust en instinct tegenover iets sluws aan de rand van je zaken. Het gedrag van de kat en je eigen gevoel bepalen welke lezing past.
Sla twee droomboeken open bij dezelfde letter en je krijgt twee verschillende dieren. In het ene staat de kat als een gelukkige aanwezigheid in huis, rustig en volledig op haar gemak. In het andere staat hetzelfde dier voor iets sluws dat zich langs de rand van je zaken beweegt. Weinig symbolen liggen zo ver uit elkaar.
Allebei komen ze uit dezelfde waarneming: een kat woont naast mensen zonder ooit helemaal van hen te zijn. Ze is aanhankelijk op haar eigen tijden, verdwijnt en komt terug zonder uitleg, en jaagt in stilte. Waar men die zelfstandigheid bewonderde, werd het dier een beeld van kalmte en intuïtie. Waar men haar wantrouwde, werden diezelfde eigenschappen een beeld van iemand die iets achterhoudt. Wat de toon bepaalt is dus hoe de kat zich gedroeg en hoe jij je voelde terwijl je keek: een kat die over je voeten slaapt en een kat die je vanuit een donkere deuropening aanstaart zijn niet dezelfde droom in een andere vacht.
Je eigen kat wordt meestal gelezen als een stuk van jezelf dat je al goed kent: je behoefte aan rust, je privéleven, het deel van je dat weigert te komen wanneer er geroepen wordt. Een zwerfkat is in de oude bronnen verbonden met iets dat ongevraagd je omstandigheden binnenkomt, al dromen veel mensen simpelweg over de kat die ze die week in de straat tegenkwamen. Krabben en blazen wordt zelden als dreiging gelezen en vaker als wrijving met iemand van wie je een grens bent overgegaan. Kittens gelden bijna overal als kleine verantwoordelijkheden, schattig en onvermoeibaar tegelijk.
De gewone verklaring verdient hier ook een plaats. Een poot op je gezicht om vier uur, een kattenluik dat 's nachts klappert, een filmpje vlak voor het slapengaan: dat alles bereikt de slaper en levert een droom op zonder dat er iets te duiden valt.
Hier houdt het woordenboek op. Wie opgroeide met drie katten op de bank draagt heel andere herinneringen mee dan wie als kind lelijk gekrabd is, of wie geen kamer met een kat in kan zonder tranende ogen. Het dier in je droom is opgebouwd uit jouw katten en niet uit een algemeen symbool. Begin daar, en pak pas daarna een geërfde betekenis erbij.


