Een gang, een geur, een naam die je dertig jaar niet gebruikt hebt: schooldromen halen dat allemaal terug, en de uitleg begint bij wie er voor de klas stond.
Het klaslokaal komt terug, ook bij mensen die er dertig jaar niet meer geweest zijn, en juist daarom houdt dit beeld het zo lang vol. Een leraar staat in de traditie voor het deel van jezelf dat het werk nakijkt. Daarnaast loopt een bijna even oude lezing die niets met een cijfer te maken heeft: aanwijzing die je allang gekregen hebt en waar je nog steeds niets mee gedaan hebt.
Wat er verder van de lezing overblijft hangt aan jouw plaats in de ruimte. Onvoorbereid zitten en geen antwoord hebben is een van de bekendste dromen van volwassenen die de school allang achter zich hebben, en hij komt vooral terug in periodes waarin je op je werk opnieuw bekeken wordt. Geprezen worden wordt gelezen als goedkeuring van jezelf die je nog nergens hardop hebt uitgesproken. Vooraan staan en zelf lesgeven gaat over verantwoordelijkheid voor hoe anderen leren of zich gedragen, en nieuwe leidinggevenden en kersverse ouders melden die versie opvallend vaak. Ruzie met een leraar wordt meestal opgevat als ruzie met een regel die je hebt meegekregen, niet met degene die hem uitsprak.
Deze dromen liggen niet gelijkmatig over het jaar verspreid. Ze nemen toe aan het begin van een blok, vlak voor toetsen en in elke fase waarin je prestaties beoordeeld worden. Dat is een nuchtere verklaring en heel vaak ook de juiste. Het haalt de betekenis er niet uit, het betekent alleen dat de aanleiding meestal zichtbaar is als je je agenda openslaat voordat je een droomlemma opzoekt.
Een leraar met een naam en een gezicht wordt heel anders behandeld dan een figuur zonder trekken. Iemand uit je eigen schooltijd sleept de hele periode mee naar binnen, en dromers schrikken vaak van de precisie waarmee de slaap een gang of een geur terughaalt. Heeft die persoon je gevormd, in goede of in slechte zin, dan is die geschiedenis de uitleg en is de algemene betekenis alleen ruis eromheen. Een leraar van wie je het gezicht niet kunt vasthouden wordt abstracter gelezen: als wat er in het algemeen van je geëist wordt, en niet als de eisen van één iemand.


